persoonlijke en professionele ontwikkeling, Zelfvertrouwen vergroten
Waarom doe ik steeds hetzelfde? Gedragspatronen herkennen en doorbreken


11 minuten leestijd
Je hebt je voorgenomen om de volgende keer echt je grens aan te geven. En toch hoor je jezelf weer zeggen: “Ja hoor, dat is goed.”
Je weet dat je niet overal verantwoordelijk voor bent. Maar als iets dreigt mis te gaan, ben jij toch degene die het oplost.
Of je wilt tijdens een lastig gesprek eindelijk zeggen wat iets met je doet. Maar op het moment zelf word je stil, blijf je vooral heel redelijk of ga je uitgebreid uitleggen waarom je iets hebt gedaan.
En achteraf denk je: waarom doe ik dit nou weer?
We hebben allemaal gedrag dat regelmatig terugkomt. Vaak zonder dat we daar heel bewust voor kiezen. Dat is niet meteen een probleem. Veel van die gedragspatronen hebben ons namelijk ook iets gebracht.
Misschien ben je behulpzaam, verantwoordelijk, zorgvuldig, zelfstandig of goed in staat rekening te houden met anderen. Allemaal mooie kwaliteiten. Maar een kwaliteit kan ook doorschieten.
Als je bijvoorbeeld altijd klaarstaat voor anderen, maar zelf nooit hulp vraagt. Als je zo graag zorgvuldig wilt zijn dat je eindeloos blijft nadenken. Of als je het belangrijk vindt om rekening te houden met anderen en daardoor onvoldoende zegt wat jij zelf nodig hebt. Dan kan het interessant zijn om eens wat beter naar zo’n terugkerend patroon te kijken. Niet om jezelf te veranderen in iemand die je niet bent. Wel om te ontdekken of je ook anders zou kunnen reageren.
Een gedragspatroon is eigenlijk niets anders dan een automatische manier van reageren die regelmatig terugkomt.
Dat kan bijvoorbeeld betekenen dat je:
Geen van deze gedragingen is op zichzelf verkeerd. Sterker nog: vaak zit er een kwaliteit onder.
Iemand die moeilijk nee zegt, kan heel betrokken zijn. Iemand die veel verantwoordelijkheid neemt, is misschien ontzettend betrouwbaar. En iemand die conflicten vermijdt, kan juist heel goed verschillende perspectieven zien en de verbinding met anderen belangrijk vinden. Daarom geloof ik niet zo in het simpelweg ‘afleren’ van gedragspatronen.
Veel belangrijker vind ik het bewust kiezen voor gedrag wat jou verder helpt, zonder je kwaliteiten te kort te doen.
Kun je behulpzaam zijn en besluiten dat je deze keer niet helpt? Kun je rekening houden met een ander en tegelijkertijd zeggen wat jij nodig hebt? Kun je respectvol en redelijk zijn en duidelijk je mening geven?
Als die keuze lastig is, kan er sprake zijn van een patroon dat je inmiddels meer belemmert dan helpt.
Omdat je automatische reactie vaak heel snel gaat. Stel: een collega vraagt of jij iets kunt overnemen. Je agenda zit eigenlijk al behoorlijk vol. Je eerste gedachte is misschien: Dat kan er nog wel bij. En voordat je goed hebt nagedacht, heb je ja gezegd.
Op korte termijn levert dat misschien iets prettigs op. Je helpt iemand. Het werk is geregeld. Misschien krijg je waardering. En je hoeft ook niet het ongemak te voelen van nee zeggen. Pas later merk je de andere kant. Je agenda loopt over en je baalt van jezelf.
Of neem iemand die tijdens een overleg een kritische opmerking krijgt. De één gaat onmiddellijk uitleggen waarom iets zo is gegaan. Een ander wordt stil of reageert juist vrij fel. En iemand kan ook denken: Laat maar, ik heb geen zin in gedoe.
Vier heel verschillende reacties. Maar ze hebben iets gemeen: ze kunnen zo snel optreden dat er nauwelijks een bewust keuzemoment tussen zit.
Dat is precies waarom gedragspatronen soms zo hardnekkig voelen. Je weet achteraf vaak best wat je anders had willen doen. Op het moment zelf lukt dat nog niet.
Stel dat jij iemand bent die graag dingen oplost. Dat is waarschijnlijk niet voor niets een kwaliteit geworden. Misschien ben je degene die overzicht houdt als anderen het even niet meer weten. Je wacht niet af, maar komt in actie. Daar kunnen collega’s ontzettend blij mee zijn.
Daar hoeft dus helemaal niets aan te veranderen. Het wordt pas interessant als je merkt dat je ook gaat oplossen, wanneer dat eigenlijk niet nodig is. Een collega vertelt bijvoorbeeld dat hij ergens tegenaan loopt. Voor je het weet heb jij drie oplossingen bedacht, aangeboden om iemand te bellen en een deel van het werk overgenomen. Terwijl die collega misschien alleen even wilde overleggen.
Dan kun je jezelf een kleine vraag stellen: Is het op dit moment nodig dat ik dit oplos? Misschien is het antwoord ja. Maar misschien ook niet.
En juist dat kleine moment van bewustwording geeft je meer regie over je gedrag.
Je hoeft daarvoor echt niet voortdurend jezelf te analyseren. Begin eens met één situatie waarvan je achteraf dacht: Dit gebeurt me vaker. Kijk daar rustig op terug:
En vervolgens:
Misschien vooral energie. Of tijd. Rust. Duidelijkheid. Of de mogelijkheid om te zeggen wat jij eigenlijk vond.
Als je dit bij verschillende situaties doet, kun je ineens iets gaan herkennen: Hé, dit doe ik vaker. En dat is een belangrijk moment.
Gedragspatronen doorbreken begint niet met grote veranderingen. Als mensen een patroon bij zichzelf herkennen, ontstaat soms meteen de wens om het radicaal anders te doen.
In de praktijk werkt het vaak niet zo. Je kunt niet van jezelf verwachten dat je een patroon dat jarenlang is ontstaan, van de ene op de andere dag verandert. Ik geloof veel meer in kleine stappen.
Stel dat je gewend bent onmiddellijk ja te zeggen als iemand iets vraagt. Dan hoeft je eerste stap niet te zijn dat je voortaan vaker nee zegt.
Je kunt beginnen met: “Ik kijk even naar mijn agenda en kom erop terug.” Dat geeft je tijd om te kiezen.
Als je gewend bent om tijdens een lastig gesprek uitgebreid uit te leggen waarom je iets hebt gedaan, kun je oefenen om eerst één vraag te stellen: “Kun je uitleggen wat je precies bedoelt?”
En als je vaak oplossingen aandraagt wanneer iemand een probleem met je deelt, kun je eens vragen: “Wil je dat ik met je meedenk of wil je het vooral even kwijt?”
Kleine veranderingen misschien. Maar juist daardoor zijn ze uitvoerbaar.
Welkom bij de rest van de mensheid.
Inzicht hebben betekent helaas niet dat je vanaf dat moment automatisch anders reageert. Zeker als er spanning ontstaat, vallen we gemakkelijk terug op gedrag dat vertrouwd is. Je kunt dus heel goed weten dat je niet overal verantwoordelijk voor bent en jezelf tóch horen zeggen: “Laat maar, ik regel het wel.”
Het verschil is misschien dat je het deze keer iets eerder opmerkt.
Eerst zag je het een dag later. Dan een uur later. Op een gegeven moment misschien vijf minuten later. En uiteindelijk merk je het terwijl het gebeurt. Dat klinkt misschien als een klein verschil, maar juist daar ontstaat ruimte voor ander gedrag.
Ontwikkeling gaat wat mij betreft dan ook niet over het nooit meer vertonen van je oude patroon. Het gaat erom dat je het steeds eerder leert herkennen en steeds iets meer keuze krijgt in wat je ermee doet.
Ja, al vind ik ‘doorbreken’ een groot woord. Het suggereert bijna dat we iets kapot moeten maken. Terwijl je misschien helemaal niet minder behulpzaam, verantwoordelijk, zorgvuldig of betrokken wilt worden. En gelukkig hoeft dat ook niet.
Het gaat er veel meer om dat je gedragsrepertoire groter wordt:
Je hoeft dus niet iemand anders te worden. Je voegt als het ware mogelijkheden toe.
Misschien voelt nieuw gedrag eerst ongemakkelijk. Dat kan. Nieuw gedrag is nu eenmaal nog niet zo vertrouwd als gedrag dat je al jaren kent. Maar misschien ontdek je ook dat de wereld niet instort als jij zegt dat je ergens op terugkomt. Dat een collega prima zelf een oplossing kan bedenken. Of dat een gesprek juist duidelijker wordt wanneer je wel vertelt wat iets met je doet. Dat zijn waardevolle ervaringen.
In mijn coachingsgesprekken komen dit soort terugkerende patronen regelmatig naar voren.
Soms komt iemand binnen met een heel concrete vraag, bijvoorbeeld: “Ik wil beter mijn grenzen aangeven.” Maar als we verschillende situaties onderzoeken, blijkt er soms meer te spelen.
Iemand zegt niet alleen moeilijk nee tegen de leidinggevende, maar neemt ook werk van collega’s over, vindt het lastig om hulp te vragen en voelt zich snel verantwoordelijk wanneer iets niet goed loopt.
Dan worden losse situaties ineens een patroon. Dat zichtbaar krijgen vind ik een waardevol onderdeel van coaching. Niet om overal een ingewikkelde verklaring voor te zoeken. En ook niet om te bepalen dat bepaald gedrag ‘fout’ is.
We kijken samen naar wat er gebeurt. Wanneer het gebeurt. Wat jouw manier van reageren je brengt en waar deze je belemmert. En vooral: wat zou je daarnaast willen kunnen?
Vervolgens kun je daar in kleine, haalbare stappen mee experimenteren in je dagelijkse praktijk. Want uiteindelijk is het doel niet dat je precies begrijpt waarom je alles doet wat je doet. Het doel is dat je voldoende inzicht krijgt om iets te kunnen veranderen als je dat wilt.
Misschien heb je tijdens het lezen al een patroon bij jezelf herkend. Dan hoef je daar vandaag niet meteen iets aan te veranderen. Je kunt beginnen met het opmerken.
Wanneer gebeurt het? Wat doe ik dan automatisch? Wat levert het me op? Wat kost het me? En wat zou ik de volgende keer een klein beetje anders willen doen?
Hoe meer je je eigen patronen leert herkennen, hoe minder automatisch ze hoeven te bepalen wat je doet. En daarmee ontstaat er meer ruimte om te reageren op een manier die past bij wie je bent en wat je belangrijk vindt.
Succes!
Merk je dat je regelmatig op dezelfde manier reageert, terwijl je je had voorgenomen het anders te doen? Of herken je gedragspatronen die je ooit hebben geholpen, maar die je nu soms in de weg zitten? Met coaching kun je deze gedragspatronen leren herkennen en onderzoeken wat je in kleine, haalbare stappen anders kunt doen.
Denk je dat iemand anders iets aan deze blog heeft? Dan vind ik het fijn als je de link doorstuurt.
Heb je vragen of wil je een vrijblijvend gesprek plannen?
Ik hoor graag van je!
Een eerste kennismaking is altijd vrijblijvend. We bespreken je situatie, doelen en wensen en wat coaching of teamontwikkeling voor jou kan betekenen. Neem gerust contact op via onderstaande gegevens.